Mijn verhaal als aalmoezenier en veteraan

Ik ben Liduina. Mijn werk als krijgsmachtaalmoezenier, Rooms-Katholiek geestelijk verzorger, heb ik als een echte roeping beleefd. Het was voor mij een kans om bij de militairen te zijn, daar waar zij zich ook maar mochten bevinden. Een aalmoezenier geeft geen bevelen, krijgt ook geen bevelen, maar wil bovenal naast de militair staan, liefst dáár waar hij of zij worstelt met vragen over zin of onzin van leven of werk, over liefde en geluk, geloof en twijfel.   Na twee jaar bij de Gele Rijders te hebben gediend, werd ik geplaatst op de KMS (onderofficieersopleiding). Het grootste deel van onze  taak bestond uit het geven van vorming op het gebied van de ontwikkeling van de persoon van de aanstaande onderofficier als leider. Menigmaal trouwens waren het de leerlingen, vooral wanneer zij als korporaal de opleiding instroomden, die míj les gaven. Zij hadden immers een of meer uitzendingen achter de rug en konden daar, vanuit de levende praktijk, boeiend over vertellen. Soms vanuit pijnlijke ervaringen, die zij als onderofficier wilden ombuigen tot een verbeterde praktijk voor de soldaten korporaals aan wie zij leiding zouden gaan geven. Petje af!  Zelf ben ik naar Afghanistan geweest, Redeployment Taskforce, in 2010. Het kamp waar wij zaten, Dae Rawoot, was inmiddels overgenomen door de Amerikanen. De Nederlanders waren er om de laatste spullen in te pakken en te verzenden. Ik heb dan ook vooral te maken gehad met de Australiërs en Amerikanen, die soms hevig strijd moesten leveren en daar de gevolgen van ondervonden, uiteraard.  Mijn laatste zeven jaren bij Defensie mocht ik doorbrengen onder de talloze veteranen buiten dienst. Vooral met Indië veteranen had ik prachtige ontmoetingen. Huisbezoeken, herdenkingen en af een toe een uitvaart vulden mijn dagen.